Krimp als kans

Een krimpbestendige les in 8 stappen

Een belangrijke vraag voor scholen in krimpregio’s is hoe je de kwaliteit van het onderwijs waarborgt. Het leerlab Krimp als kans maakte een stappenplan voor een kwalitatief goede krimpbestendige les. Bekijk de video en het stappenplan.

Stap 1 tot en met 4 gaan over de vraag ‘Wat wil je bereiken?’. In stap 5 tot en met 8 staat de vraag ‘Hoe ga je dat bereiken?’ centraal.

Stap 1: Context in kaart brengen

Breng de context in kaart. De bevolkingsdaling in een krimpregio heeft gevolgen voor het onderwijs. De vraag is hoe je ervoor zorgt dat het onderwijsaanbod intact blijft en hoe je ervoor zorgt dat leerlingen goed onderwijs blijven krijgen. Een helder beeld van de toekomstige omstandigheden is hiervoor noodzakelijk, zowel op schoolniveau als op het niveau van de verschillende vakgroepen. Dit schept urgentie en duidelijkheid. Belangrijke vragen om te onderzoeken zijn: ‘Welke ontwikkelingen zien we?’ en ‘Wat zijn onze verwachtingen daarvan?’

Stap 2: Doelgroep bepalen

Neem een groep leerlingen voor ogen voor wie je een nieuw leertraject gaat ontwerpen. Het kiezen van een doelgroep biedt twee grote voordelen. Allereerst neemt het de belemmerende gedacht weg dat alles in één keer anders moet. Daarnaast zorgt het voor focus. De ervaringen die opgedaan worden bij deze doelgroep kunnen gebruikt worden bij het ontwerpen van andere leertrajecten.

Stap 3: Einddoelen bepalen en opdelen

Bepaal de einddoelen. ‘Backward Design’ helpt hierbij, waarbij de centrale vraag is ‘Wat moeten leerlingen kennen en kunnen aan het einde van het leertraject?’ Wettelijke leerdoelen, zoals  kerndoelen, zijn daarin bepalend. Deze zijn echter in algemene bewoordingen geformuleerd. Ze laten veel ruimte voor eigen invulling van het leertraject. Bepaal daarom ook schoolspecifieke en/of persoonlijke einddoelen voor het leertraject. Formuleer tevens tussendoelen. Zo ontstaat er een globaal raamwerk voor het leertraject.

Voorbeeld: Het einddoel van de lessenserie is: ‘Leerlingen kunnen de werking van verschillende vormen van propaganda analyseren’. Daaronder vallen onder andere de volgende tussendoelen:

  • Leerlingen kunnen de belangrijkste oorzaken voor het ontstaan van de Koude Oorlog beschrijven.
  • Leerlingen kunnen in eigen woorden uitleggen welke politieke en economische gevolgen de Koude Oorlog heeft gehad voor Duitsland in de periode 1945-1990.
  • Leerlingen kunnen de belangrijkste kenmerken van propaganda herkennen.

Deze doelen zijn afgeleid uit de wettelijke leerdoelen en schoolspecifieke en persoonlijke leerdoelen.

Wettelijke leerdoelen:

  • Kenmerkend aspect 35: ‘De blokvorming tussen Oost en West in de Koude Oorlog.’
  • De leerlingen kunnen situaties uit verschillende tijdvakken met elkaar en met het heden vergelijken en onderscheiden wat veranderd is of hetzelfde is gebleven.
  • De leerlingen kunnen uit bronnen passende informatie selecteren met het oog op bruikbaarheid, betrouwbaarheid en representativiteit voor een historische vraagstelling en deze informatie in een bredere historische context interpreteren, door deze te relateren aan kenmerkende aspecten van daarbij in aanmerking komende tijdvakken.
  • De leerlingen houden bij het betekenis geven aan heden en verleden rekening met enkele voor historisch besef belangrijke uitgangspunten, zoals het onderscheid tussen feiten en meningen.

Schoolspecifieke en persoonlijke leerdoelen:

  • In tijden van fake news is het extra belangrijk dat leerlingen kennis hebben van de werking van propaganda.

De Koude Oorlog speelt een grote rol in het examenprogramma van de bovenbouw. Leerlingen dienen hierop voorbereid te worden.

Stap 4: Leeractiviteiten bepalen

Bepaal wat de leerlingen gaan doen met de leerstof die in stap 3 bepaald is. De taxonomie van Bloom helpt hierbij. Hij onderscheid zes verschillende kennisniveaus: onthouden, begrijpen, toepassen, analyseren, evalueren en creëren. Deze vaardigheden maken je bewust van de verschillende mogelijkheden om met de leerstof aan de slag te gaan. In een rijke leeractiviteit komen meerdere denkvaardigheden aan bod. Formuleer leerdoelen met behulp van werkwoorden die passen bij de verschillende kennisniveaus. Zo ontstaat er herkenbaarheid voor leerlingen.

Stap 5: Leeractiviteiten uitwerken

Bepaal werkvormen die de leerlingen in staat stellen om het gewenste leerdoel te bereiken. De zes denkvaardigheden van Bloom helpen bij het kiezen van de juiste werkvorm. Stel het leerdoel centraal en vraag jezelf af hoe het zo goed en efficiënt mogelijk bereikt wordt. Bij krimp komt de organisatorische en financiële speelruimte onder druk te staan. Creatieve inzet van leeractiviteiten kan de kwaliteit van het onderwijs verhogen tegen lagere kosten.

Voorbeeld: Leerlingen richten in groepjes een museale tentoonstelling in over het onderwerp ‘Propaganda in Oost- en West-Duitsland tijdens de Koude Oorlog’. De tussendoelen en het einddoel krijgen ieder een aparte ruimte in dit museum. Leerlingen dienen hiervoor museale stukken te selecteren (posters, films, standbeelden) die van inhoudelijke toelichting worden voorzien. Er kan in niveau gedifferentieerd worden door verschillende eisen te stellen aan het aantal museumstukken, de soorten museum stukken en/of de relatie van de museumstukken ten opzichte van elkaar. Voor deze lessenserie kan vakoverstijgend gewerkt worden met de kunstvakken.

Stap 6: Bronnen toevoegen

Selecteer informatiebronnen die de leerlingen helpen om het gewenste leerdoel te bereiken. Denk aan de lesmethode, artikelen, websites en experts. Zelf kun je uiteraard ook die expert zijn. Een zorgvuldige selectie zorgt voor kostenbesparing.

Stap 7: Begeleidingsvorm toevoegen

Bepaal bij iedere werkvorm welke rol docenten en leerlingen hebben. In hoeverre is het onderwijs docentgestuurd of leerlinggestuurd? Binnen de juiste kaders kunnen leerlingen vaak zelfstandiger werken dan docenten soms denken.

Voorbeeld: De leerlingen gaan binnen de gestelde kaders zoveel mogelijk zelfstandig aan het werk. Zij maken de keuzes. De docent legt uit, ondersteunt en stuurt bij waar nodig.

Stap 8: Beoordelingsvorm toevoegen

Bepaal hoe de werkzaamheden beoordeeld worden, zodat voor leerlingen en docenten inzichtelijk wordt in hoeverre de doelen behaald zijn. Het is belangrijk om hierbij een onderscheid te maken tussen summatieve en formatieve vormen van evalueren.

Praktijkvoorbeelden vanuit het leerlab

Deelnemende scholen

Chr. College Schaersvoorde

Aalten
vmbo-b | vmbo-k | vmbo-t | vmbo-(g)t | havo | vwo
933 leerlingen

Praktijkvoorbeelden

Gerrit Komrij College

Winterswijk
vmbo-b | vmbo-k | vmbo-t | vmbo-(g)t | havo | vwo | Iwoo
1403 leerlingen

Praktijkvoorbeelden

Ludger College

Doetinchem
vmbo-b | vmbo-k | vmbo-t | vmbo-(g)t | havo | vwo
1246 leerlingen

Praktijkvoorbeelden

SG Marianum

Groenlo
vmbo-b | vmbo-k | vmbo-t | vmbo-(g)t | havo | vwo
1010 leerlingen

Praktijkvoorbeelden

Vragen over het leerlab?

Neem contact op met Satish Bhawanidin, satishbhawanidin@schoolinfo.nl